Op 22 juni 2001 is de EU richtlijn “Auteursrecht en naburige rechten in de informatiemaatschappij” aangenomen. Binnen 18 maanden zal deze EU-richtlijn in de Nederlandse wetgeving worden geïmplementeerd. Meer over de auteursrechtrichtlijn.
De inhoud van het auteursrecht
Auteurswet 1912
Art. 1 Van de auteurswet 1912 omschrijft het auteursrecht als “het uitsluitend recht van de maker van een werk van letterkunde, wetenschap of kunst, of van diens rechtverkrijgenden, om dit openbaar te maken en te verveelvoudigen, behoudens beperkingen bij de wet gesteld”.
In deze omschrijving komen twee kernbegrippen voor: maker en werk.
De maker
De term ‘maker’ gaat over de vraag: wie heeft het auteursrecht?
Met betrekking tot het makerschap kunnen zich drie situaties voordoen:
a. De feitelijke maker is tevens de auteursrechthebbende: een fotograaf heeft het auteursrecht op de door hem gemaakte foto’s.
b. Iemand anders dan de feitelijke maker wordt als maker in auteursrechtelijke zin aangemerkt. Bij de fotograaf die in dienstverband foto’s maakt wordt de werkgever meestal als maker aangemerkt, tenzij de aard van het dienstverband of de gemaakte contractuele afspraken tussen werkgever en werknemer anders bepalen.
c. Er is sprake van fictief makerschap wanneer er verschillende auteurs betrokken zijn bij de totstandkoming van het werk. Bijvoorbeeld in het geval twee fotografen samen één foto maken of één compositie bedenken. In die situatie kan er, afhankelijk van de specifieke omstandigheden, een gezamenlijk auteursrecht op één foto ontstaan, waarop beide auteurs aanspraak kunnen maken. Beide fotografen hebben immers invloed uitgeoefend op de uiteindelijke compositie, die als zodanig op foto is vastgelegd. In ieder geval kan elke fotograaf afzonderlijk gezien worden als een vastlegger van die compositie en daarmee als maker in auteursrechtelijke zin aangemerkt worden. Hoe minimaal de inspanning soms ook lijkt, in beginsel is de fotograaf de maker van de foto. Partijen kunnen contractueel anders overeenkomen: de afspraken tussen de fotograaf en zijn medewerkers zijn dan bepalend voor de beantwoording van de vraag wie als maker van het werk geldt.
Rechtverkrijgenden
Met ‘rechtverkrijgenden’ worden de personen bedoeld die een van de maker afgeleide auteursrechtelijke positie hebben. Zij kunnen het auteursrecht via overdracht of erfopvolging verkrijgen. Door overdracht treedt de rechtverkrijgende in de positie die de maker voor de overdracht heeft ingenomen. Overdracht van auteursrecht kan alleen maar schriftelijk plaatsvinden: een mondelinge overdracht is niet rechtsgeldig. In het geval van erfopvolging gaat het auteursrecht over op de wettelijke of bij testament aangewezen erfgenamen.
Eigenaar
De fotograaf, de maker in auteursrechtelijke zin, moet onderscheiden worden van de eigenaar van een exemplaar van de foto, de materiële drager. De eigenaar van de fotoafdruk kan aan zijn eigendomsrecht geen auteursrechtelijke bevoegdheden ontlenen. De eigenaar kan natuurlijk wel op grond van zijn eigendomsrecht een ‘gebruikersvergoeding’ vragen. Archieven bijvoorbeeld vragen vaak een vergoeding om een foto te mogen kopiëren. Dat is nog al eens verwarrend ten opzichte van het auteursrecht omdat de gebruiker dan denkt al betaald te hebben voor het uiteindelijke gebruik.
Het werk
De maker is onlosmakelijk verbonden met ‘het werk’. De term ‘werk’ slaat op de vraag: wat is het voorwerp waarop het auteursrecht berust. De fotograaf, de maker, heeft auteursrecht op de door hem gemaakte foto, het werk. Om de achtergrond van de juridische bescherming te kunnen begrijpen is het van belang om de foto, het werk, allereerst in het kort auteursrechtelijk ‘te ontleden’.
‘Fotografische werken’ worden met name genoemd in art. 10 lid 1 onder 9 Aw en komen daarmee als zodanig voor auteursrechtelijke bescherming in aanmerking. Foto’s behoren naar hun karakteristiek tot het domein van letterkunde, wetenschap of kunst. Het begrip ‘fotografische werken’ dient in dit verband ruim geïnterpreteerd te worden. Ook werken die met een gelijksoortige techniek gemaakt zijn vallen eronder.
Een foto moet in ieder geval voldoen aan het vereiste van oorspronkelijkheid, wat betekent dat een foto een eigen karakter dient te bezitten en daarnaast het persoonlijk stempel van de fotograaf dient te dragen. Deze laatste voorwaarde slaat op de creatieve speelruimte die de fotograaf bij het maken van de foto moet hebben gehad: hij heeft een keuze kunnen maken uit verschillende alternatieven en in deze keuze is zijn ‘persoonlijke hand’ tot uitdrukking gekomen. Het eigen oorspronkelijk karakter en het persoonlijk stempel kunnen bij fotografie tot uiting komen door de keuze voor een bepaalde hoek of perspectief, een bepaalde afstand, de afbakening van het onderwerp, filters, lenskeuze, belichtingstijd, ontwikkeltechniek, beelduitsnede en de belichting. Het gaat om de eigenheid van de foto.
Naar de aard van de foto voldoet deze in beginsel ook aan de drempel om voor auteursrechtelijke bescherming in aanmerking te komen. Immers de foto is een immateriële schepping van de fotograaf, de foto als momentopname van ‘iets’. Discussiepunt is of een doorsnee vakantiefoto van een bekend object voor auteursrechtelijke bescherming in aanmerking komt. Het antwoord is: ja. Op een foto rust pas dan geen auteursrecht, als hij niet aan het vereiste van oorspronkelijkheid voldoet. Daarnaast is de foto tot uiting gebracht, op de een of andere manier ‘ontwikkeld’, zichtbaar gemaakt. Met de uiting van de foto hangt de zintuiglijke waarneembaarheid samen: we kunnen de foto zien. Tenslotte kan de foto als een zelfstandige eenheid beschouwd worden: een foto is af te bakenen.
Bij het begrip ‘werk’ moet steeds een scherp onderscheid gemaakt worden in enerzijds het immateriële werk, dat is het concept, de compositie die je voorafgaand aan het maken van de opname in je hoofd hebt en anderzijds de materiële drager, dat is de uitwerking van het concept op film, fotopapier, harde schijf of het beeldscherm. De fotograaf heeft auteursrecht op de foto, de uiteindelijke uitwerking van het idee. Ideeën die niet in een tastbaar produkt zijn omgezet worden niet beschermd door enig recht van intellectuele eigendom: gedachten zijn ook in dit opzicht ‘vrij’.
In auteursrechtelijke zin kunnen bij de invulling van het werkbegrip naast de foto op zich ook nog andere factoren een rol spelen, zoals de manier van publicatie, de bedoeling van de fotograaf en de betekenis die de foto kan krijgen in de context van de publicatie. Daarmee is manier waarop een foto gebruikt wordt ook te zien als een onderdeel van het werkbegrip.
Beperkingen van het auteursrecht
Het auteursrecht voor de fotograaf kent een paar beperkingen. Het auteursrecht van de fotograaf is in eerste instantie een allesomvattend absoluut recht op de door hem gemaakte foto: met name de exploitatiehandelingen openbaar maken en verveelvoudigen van gemaakte foto’s.
Het auteursrecht is echter beperkt in duur en geldt in beginsel tot 70 jaar na het overlijden van de fotograaf.
Daarnaast geeft de auteurswet nog enkele beperkingen van het auteursrecht. Voor de fotograaf zijn daarbij vooral het portretrecht en het citaatrecht van belang.
Tenslotte kan het auteursrecht van de fotograaf nog beperkt worden door mogelijke grondrechten van anderen zoals de vrijheid van informatie, het mededingingsrecht en Europese regelgeving. De auteursrechtrichtlijn geeft ook nog nadere beperkingen van het auteursrecht, vooral op technisch gebied.
Vraag: Is een foto 70 jaar na overlijden van de fotograaf ‘rechtenvrij’, indien deze gemaakt is door een fotograaf in loondienst, en het betreffende bedrijf nog steeds voortbestaat?
Antwoord: In beginsel geldt hier de regel dat het bedrijf, gesteld dat het bedrijf de juridische maker is, het auteursrecht op de foto uit kan oefenen tot 70 jaar na het moment van de eerste publicatie van de foto. Daarna is de foto ‘rechtenvrij’. Niet de dag van overlijden van de feitelijke maker staat hier centraal, maar de dag van eerste openbaarmaking. Dit zal slechts anders zijn in het geval de fotograaf als zodanig is aangeduid op of in een exemplaar van de foto: dan geldt de hoofdregel van 70 jaar na het overlijden van de fotograaf.